Sahabaah en Ahl-ul Bait

Sahaabah en Ahl-ul Bait ( Ridwanullahi ta’ala ajma’een)

Sahaabah (Radi Allahum ajam’een)

Zoals Allah. De Verheven, onze Geliefde en Nobele Profeet Moehammad (Salallahu alaihi wassalam) hoger in rang heeft gesteld dan alle andere profeten, zo heeft hij ook de Ummah (gemeenschap) van de Heilige Profeet Moehammad (Salallahu alaihi wasalam) beter gemaakt dan de andere gemeenschappen van alle andere profeten, Allah, de Verhevene, openbaart:

{En aldus hebben Wij jullie boven alle gemeenschappen verheven, opdat gij getuigen zult zijn over de mensen, en deze Boodschapper zij een getuige over jullie…}Soerah Al baqarah aayat 143

Allah de Almachtige, openbaart verder in Soerah Aal-i’Imraan, Aayat 110:

{Jullie zijn de beste van al de gemeenten, die onder de mensen zijn voortgebracht: jullie bevelen het goede enverbieden het kwade en geloven in Allah.}

Een Sahaabie is een verheven moeslim die de Heilige Profeet (Salallahu alaihi wassalam) heeft mogen ontmoeten tijdens zijn leven hier op aarde en een oprechte moeslim is gbleven tot zijn dood. Het woord Sahaabie (meervoud hiervan is: Sahaabah) betekent letterlijk metgezel en vriend.

De metgezellen van de Heilige Profeet (Salallahu alaihi wassalam) moge Allah’s tevredenheid zijn met een ieder van hen, zijn beter en verhevener dan hen die na hen kwamen van de rest van de Ummah, omdat zij door Allah waren uitverkoren voor de eer om Zijn Profeet te vergezellen, helpen en te verdedigen. Zij waren het die de fundamenten van deze religie hebben gelegd en het vaandel van de grootheid van deze Ummah hebben gehesen. Over hen heeft de Almachtige in de Heilige Qoeraan vele verzen geopenbaard,waarvan we nu enkele zullen bekijken:

{En de voorsten, de eersten der Muhaadjirien (emigranten) en de Ansaar (helpers) en degenen, die hen in goedheid volgden, Allah heeft welbehagen aan hen en zij hebben welbehagen aan Hem; en hij heeft tuinen voor hen bereid, waaronderdoor rivieren stromen om er voor eeuwig in te wonen. Dit is het grote succes.}Soerah Al-TAubah aayat 100

In soerah Al-Ahzaab, ayaat 23/24 openbaart de Almachtige dat sommige Sahaabah hun gelofte hadden vervuld die ze aan Allah hadden afgelegd doordat ze bij de verdediging van de Islaam het leven hadden gelaten, en dat de rest van de Sahaabah nog wachtend zijn hierop en dat niemand van hun is afgeweken van hun gelofte:

{Onder de gelovigen zijn er mannen die trouw gebleven zijn aan het verbond dat zij met Allah hadden gesloten. Dus, er zijn onder hen die hun gelofte vervuld hebben (en de martelaarschap hebben behaald), en sommigen die nog wachten (hierop). En zij zij geenzins veranderd; Opdat Allah de waarachtigen voor hun, waarachtigheid mogebelonen en de huichelaars straffen, Indien Hij wil, of Zich tot hen in barmhartigheid wenden. Allah is waarlijk Vergevensgezind} soerah Al-Ahzaab, ayaat 23/24

{Moehammad (Salallahu alaihi wassalam) is de Boodschapper van Allah. En degenen, die met hem zijn, zijn hard tegen de ongelovigen en zachtmoedig onder elkaar. Gij zult hen zich zien buigen en nederwerpen, Allah’s genade en welbehagen zoekende. Hun tekenen zijn op hun aangezichten, vanwege het zich ter aarde werpen. Dit is hun beschrijving in de Thora en hun beschrijving in de Indjiel; gelijk aan het veldgewas, dat zijn scheut uitspruit en die daarna versterkt; dan wordt hij krachtig en komt op eigen stengel te staan, tot verheugenis der kwekers, opdat de ongelovigen zich aan hen ergeren. Allah heeft degenen onder he, die geloven en goede werken verrichten, vergiffenis en een grote beloning beloofd}

In soerah Al-Hadied aayat 10 openbaart Allah, de Heer der werelden dat zelfs on der de Sahaabah niemand kan komen die beter is dat de eersten onder hen. Hoe kan iemand van de latere generaties dan ooit beter worden dan de Sahaabah?! Bovendien vermeldt Allah, de Verhevene, in deze Heilige Aayat dat Hij alle Sahabaah het paradijs heeft beloofd.

{En wat scheelt u, dat gij niet op Allah’s weg zoudt uitgeven, daar toch aan Allah de erfenis van de hemelen en de aarde behoort? Niet gelijk zijn degenen onder u, die voor de overwinning uitgaven en streden. En Allah heeft aan hen allen de Tuin beloofd. En Allah is bekend met uw daden.} soerah Al-Hadied aayat 10

Er zijn zoveel Ahadieth-over leveringen waarin de Heilige profeet (Salallahu alaihi wassalam) de Sahabaah prijst, dat zelfs het werpen van een vluchtige blik genoeg is om iemand te doen overtuigen van hun verhevenheid en van de grootheid van hun beloning in het Hiernamaals. In een van de overleveringen zegt de Heilige Profeet (Salallahu alaihi wasalam):

Sayyiduna Aboe Sa’ied Gudriy (Radi Allahu ta’ala anhu) zegt dat de Heilige Profeet (Salallahu alaihi wassalam) heeft gezegd: “Scheld mijn Sahabaah niet uit! Als iemand van jullie zoveel goud als de berg Uhud zou uitgeven op Allah’s pad, dan zou dat niet eens neerkomen op wat 1 Sahaabie aan een “mudd” heeft uitgegeven op Allah’s pad noch de helft ervan.”

Sahieh Bugaariy en Muslim)

Sayyidunaa Djaabir (Radi Allahu ta’ala anhu) overlevert dat de Heilige Profeet (Salallahu alaihi wassalam) heeft gezegd: “Het hellevuur zal geen moeslim aanraken die mij heeft gezien (een Sahaabieh) noch (zal het aanraken): een moeslim die iemand heeft gezien die mij heeft gezine (een Taabi’ie)

(Djaamie Tirmidhiy)

Ahl-ul Bait

Met de term Ahl-ul Bait wordt de familie van de Heilige Profeet (Salallahu alaihi wassalam) bedoeld dit houd de volgende verheven personen in:

  • Alle echtgenotes van de Heilige Profeet (Salallahu alaihi wassalam)

  • Al zijn kinderen: drie zonen en vier dochters:

  1. Qaasim (Radi Allahu Ta’ala anh)

  2. Abdullah (Radi Allahu Ta’ala anh)

  3. Ibrahiem (Radi Allahu Ta’ala anh)

Dit waren de zonen

  1. Zainab (Radi Allahu Ta’ala anh)

  2. Ruqayyah (Radi Allahu Ta’ala anh)

  3. Umm e Kulthoem (Radi Allahu Ta’ala anh)

  4. Faatimah (Radi Allahu Ta’ala anh)

  • De kleinzoon van de Heilige Profeet (Salallahu alaihi wassalam) Sayyidunaa Hasan en Sayyiduna Hussain (Radi Allahu ta’ala anhuma)

  • De schoonzoon (en neef) van de Heilige Profeet (Salallahu alaihi wasalam), Allah’s leeuw: Sayyidunaa Aliy bin Abie Talib (Karamullahi ta’ala wajhul kareem)

Het nageslacht van de Nobele Profeet () is voorgezet via zijn jongste en meest geliefde dochter Sayyidunaa faatimah (Radi Allahu ta’ala anha).

De Ahl-ul Bait zijn de leiders en gidsen van de Ahlus sunnat wal Djamaa’at. Een ware moeslim houdt van, eerbiedigt, en respecteert de Ahl-ul Bait. Zij die de Ahl-ul Bait vijandig gezind zijn, zijn vervloekt en behoren tot de sekte der “Gawaaridj”.

Degene die de reine echtgenote van de Profeet (), de moeder der gelovigen: Sayidunnaa ‘Aaishah ( Radi allahu ta’ala anha) belastert of vals beschuldigt, ontkent hiermee het gebod van de Heilige Qoeraan en treedt uit de Islam (wordt een Kaafir). Dit, gezien in het licht van de Qoeraanverzen die Allah, de Verhevene, over haar in Soerah An-Noer heeft geopenbaard. Enkele daarvan volgen:

{Voorwaar, zij die de lasteringen hebben voortgebracht, is een groep onder u. Beschouwt het niet als een kwaad voor u, integendeel het is goed voor u. Aan ieder man van hen wordt de zondigheid toegekend, die hij zich verworven heeft; maar diegene hunner, die het voornaamste deel ervan op zich nam, voor hem is een grote straf. Waarom hadden niet, toen jullie het hoorden, de gelovige mannen en gelovige vrouwen in zichzelf een goede gedachte kunnen hebben en zeggen:” Dit is een openlijke lastering?”} Soerah An-Noer, Aayat 11 en 12 (De volgenden verzen gaan verder hierover)

{Voorzeker, degenen die de onbewuste, gelovige eerbare vrouwen beschuldigen, zijn in deze wereld en in het Hiernamaals vervloekt. En voor hen is een grote straf.} (Soerah An-Noer aayat, 23

In de ruil voor de moeite die de Heilige Profeet (Salallahu alaihi wassalam) zich heeft getroost om de Islam te verkondigen, heeft Allah, de Verhevene. De Ummah verplicht om de Ahl-ul Bait van de Heilige Profeet (Salallahu alaihi wasalam) lief te hebben en te respecteren. Allah, de Heer der werelden, openbaart in de Heilige Qoeraan, in Soerah Ash- Shoeraa, aayat 23

{Dit is het waarvan Allah aan Zijn dienaren die geloven en het goede doen, de blijde tijdingen geeft. Zeg: “Ik vraag jullie er geen loon voor, behalve liefde voor de verwanten.” En wie het goede doet, die geven Wij daarin meer van het goede. Voorwaar, Allah is Vergevensgezind, Waarderend.} (Soerah Ash- Shuraa aayat 23)

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *